"Het bakkie"

 

 

 

© ...door Herman Follens

Motorrijden, vrouwen en kinderen. Een combinatie die al jarenlang de band tussen motorfiets en motorrijder in een gevarenzone doet belanden en doorgaans eindigt in de aanschaf van een Astra of Escort-station met MaxiCosy-kinderzitjes op de achterbank en een imperiaal op het dak. Maar nog niet zo heel lang geleden - in de tijd dat de motorfiets het enige betaalbare alternatief was om zich gemotoriseerd te kunnen voortbewegen - werd vrij snel overgegaan op een zijspan aan de motorfiets. Een gewone motorfiets is niet echt geschikt om kinderen mee te nemen. Ze kunnen nergens goed zitten en kinderzitjes voor een motor zijn zeldzaam. Voorop de tank is gevaarlijk en geklemd tussen pa en ma is al gauw te benauwd. De echte motorrijder van vroeger dacht niet aan overstappen in een auto. Ten eerste was dat onbetaalbaar en ten tweede was vroeger aan bijna elke motorfiets met een beetje knutselen wel een zijspan te hangen. Al vrij kort na het populair worden van de motorfiets, verschenen karretjes voorop, opzij en achter de motor. Vooral bedoeld om vrienden, kennissen, familieleden en handelswaar mee te kunnen nemen. Een nog grotere populariteit kreeg de motor met zijspan in het leger. Een motor met zijspan was ideaal om colonnes te begeleiden. Op een zijspan kon ook een mitrailleur worden bevestigd, zodat de man in het zijspan al rijdend kon schieten. Uit de Tweede Wereldoorlog zijn vooral bekend de Amerikaanse Harley-Davidsons WLA of WLC Liberator en de Duitse BMW's R12 en R75, die zelfs vele malen beter waren dan de Amerikanen. De BMW R75 was zodanig ontworpen dat urenlang achtereen met een snelheid van 3 km per uur kon worden gereden. Een trekhaak was ook vrij gewoon en bedoeld om een stuk geschut te trekken. De politie ontdekte, dat een motor met zijspan ook bijzonder geschikt was om mee te surveilleren. De ene agent lette op het motorrijden en de ander kon de omgeving goed in de gaten houden. Het is dan ook de politie geweest, die het zitten "op" in plaats van "in" het zijspanbakje populair maakte. De Amsterdamse politie kocht zijspannen speciaal voor de relbestrijding. De agent op het zijspan kon er lustig op los slaan, terwijl de piloot bijzonder wendbaar over stoepen, hobbels, tussen mensen door kon manoeuvreren. Het zijspan was ook bijzonder geschikt om tijdens optochten vrij baan te kunnen maken. Op de centimeter nauwkeurig konden al te opdringerige mensen voorzichtig worden "aangetikt", waarna de meesten hun tenen wel introkken. In de motorsport komt het zijspan vrij veel voor. Motorcross, baan- en grasbaanraces en speedway zijn behoorlijk populair. In het dagelijkse (motor)verkeer komt het zijspan niet zoveel keer meer voor; nog geen 1% van de motorpopulatie is voorzien van een zijspan. Toch is het zijspan een bijzonder spannend fenomeen in motorland. Wat maakt het zijspan bijzonder? Het rijden met een zijspan lijkt eenvoudiger dan het is. Het lijkt eigenlijk helemaal niet op motorrijden. De enige overeenkomsten zijn kou, nattigheid, wind en een helm. Een zijspancombinatie rijdt ook niet als een auto. Het is niet eens een driewielig motorvoertuig, maar volgens de wet een tweewielige motorfiets met een zijspan. Je mag er dan ook gewoon met het rijbewijs A op rijden. De meeste zijspannen hangen er rechts maar wat passief bij. Het wiel wordt meestal wel beremd, maar in veel gevallen niet door de motor aangedreven. Dat heeft allemaal tot gevolg, dat bij optrekken het zijspan wat achterblijft. Je merkt dat gelijk in de armen, rug en heupen. Bij het remmen wil het zijspan vaak wat langer doorgaan. In de bochten naar rechts wordt het oppassen. Door de middelpuntvliegende kracht wil het zijspanwieltje graag loskomen van de grond, wat zeer onverwachte reacties van beginnende zijspancoureurs kan opleveren. Niet iedereen heet Egbert Streuer en heeft een goed inlevende bakkenist naast zich. Een wat al te scherp bochtje naar links kan een optillend achterwiel opleveren, zodat de motor de neiging heeft te gaan duikelen. Waarom was de motor met zijspan dan toch jaren zo'n succes? Ik denk toch het gemak om vrouw, kinderen en bagage mee te nemen. Verder toch het idee om op een motorfiets in weer en wind (en zon) te kunnen zitten. Ik denk vroeger ook vanwege de kosten. Voor een paar honderd gulden kon een zijspan aan een lichte MZ; DKW of Jawa gekoppeld worden. Ook wel veel geld in die tijd, maar na aanschaf kostte een zijspan bijna niets meer. Voor iets meer had je een mooie Hollandia-zijspan aan een zware BMW en zolang de motorrijder er goed mee om kon gaan, kon rijden een genot zijn. Het grote voordeel van een zijspan is natuurlijk het wat moeilijker kunnen omvallen. Rijden in de sneeuw en zelfs op ijzel kan ook makkelijk met een zijspan. Een solomotor berijden is net als op de fiets een evenwichtskunstje. Gaat het te langzaam, val je om. Een zijspan fungeert keurig als een grote zijstandaard. Je kan met een zijspan net zo langzaam rijden als je maar wilt. Zolang de snelheid laag blijft, kunnen er weinig ongelukken mee gebeuren. Om die redenen werd de motor met zijspan veelal gebruikt om de eerste motorrijlessen te volgen. Ondergetekende heeft er ruim dertig jaar geleden z'n rijbewijs op moeten halen en later heeft hij min of meer wraak genomen door menige lezer van dit stukje in de zeventiger jaren de eerste rijervaringen te laten opdoen op de motor met zijspan. Ik denk echter dat de meeste "slachtoffers" toch met plezier terugdenken aan die tijd. Na een paar lessen op het harde zand in de nieuwbouwwijk presteerde een ieder het - als ware zij circusartiesten - om met het zijspanwieltje in de lucht letterlijk en figuurlijk met de motor "8-jes" in het zand te schrijven met de instructeur in het 'bakkie". Zelfs met een hand los van het stuur. Voor de meeste was dat de ultieme test om te bewijzen onverwachte bewegingen van het zijspan in bochten veilig te kunnen opvangen. Daarna volgden de lessen op de weg. Pas nadat het rijbewijs was behaald, volgden lessen op een solomotor en dat was bijna opnieuw beginnen. Een motor met zijspan kan nooit meer een solomotor worden. Door al het gewicht en de krachten die bij het rijden met een zijspan loskomen, wordt het frame zodanig vervormd, dat de motor bij solorijden zich als een hondje schuin uit over de weg begeeft. De keuze om een zijspan te monteren is dus definitief. De stand van de motor en de wielen ten opzichte van het zijspan is een bijzonder geometrisch gebeuren. Zo zal de motor zelf iets naar links moeten hellen. Met fraaie woorden "camber" of lean-out" genoemd. Verder moet het zijspanwiel iets naar links toesporen en de as van het zijspanwiel moet voor de achteras van de motorfiets zijn gelegen. Verder is een breder stuur fijn en zal ook wat aan de overbrengingsverhoudingen moeten worden gesleuteld. De meeste fabrikanten van nu geven geen toestemming om een zijspan aan de motorfiets te hangen. Maar voor wie een zijspan echt wil hebben, zijn er wel degelijk mogelijkheden. Het eenvoudigste is een zeer ouderwetse, maar nieuwe Russische legermotor met zijspan kopen van het merk DNEPR voor een prijs van rond de zesduizend gulden. De motor lijkt sprekend op een BMW boxermotor. Wie echt iets moois wil hebben, gaat naar één van de Nederlandse zijspanbouwers, zoals EML in Neede of EZS in Zelhem. Daar worden voor onder andere de zwaardere Honda's en BMW's schitterende zijspannen (ook tweezitters) gemaakt en worden de motoren zelf zodanig aangepast, dat ze probleemloos door de keuring van de Rijksdienst voor het Wegverkeer komen. De echte "zware" jongens hangen vervolgens ook nog eens een aanhangwagen achter de combinatie en dan zit je totaal toch echt in de buurt van de prijs van een nieuwe spacewagon (MPV) van de rond de zestigduizend gulden. Wie de eerste keer vanaf een solomotor op een motor met zijspan kruipt, raad ik aan een grote en lege parkeerplaats of een verlaten strand op te zoeken en bijzonder rustig eerst wat bochtjes te maken. Nog veel beter is het een paar rijlessen te volgen. Dat kan bij een gespecialiseerde zijspanrijschool (tot voor kort was Rijschool Jan Schilder - politieagent in Volendam - de enige in Nederland). Voor wie in clubverband iets met een zijspan wil doen, zijn er genoeg mogelijkheden. Dat kan via de gewone merkenclubs, maar je kan je ook melden bij speciale zijspanclubs. Een zeer bijzonder zijspangebeuren in Nederland is de jaarlijkse Jumbo Run. Geestelijk gehandicapte kinderen worden dan door de zijspanrijders een dagje uit genomen.

©copyright H.Follens (RIP) Portret van een Motorrijder (serie)